Als je met pensioen gaat kan je ervoor kiezen om de eerste 5 jaren een hoger pensioen te ontvangen. Kies je hiervoor? Dan wordt je pensioen in de jaren daarna lager. Het lagere pensioen is minimaal 75% van het hogere pensioen. Je keuze heeft geen invloed op het partnerpensioen, dat blijft hetzelfde. In de brief die je 6 maanden voordat je met pensioen gaat van ons ontvangt, staat deze keuzemogelijkheid aangegeven.
Als je naast het ouderdomspensioen ook een tijdelijk ouderdomspensioen ontvangt, dan volgt de keuze voor een hoog-laag pensioen op het moment dat het tijdelijk ouderdomspensioen eindigt.
| Leeftijd | Hoog tot 65 jaar | Hoog tot 67 jaar | Hoog tot 67 jaar en 3 maanden |
| 60 | 1,2365 | 1,2048 | 1,2010 |
| 61 | 1,2518 | 1,2174 | 1,2134 |
| 62 | 1,2688 | 1,2316 | 1,2272 |
| 63 | 1,2877 | 1,2473 | 1,2426 |
| 64 | 1,3091 | 1,2650 | 1,2599 |
| 65 | 1,2849 | 1,2793 | |
| 66 | 1,3075 | 1,3013 | |
| 67 | 1,3265 |
Voorbeeld: Als een deelnemer met een pensioenleeftijd van 62 jaar tot de AOW-gerechtigde leeftijd (67 jaar) een hoge uitkering wenst te ontvangen en daarna een lagere uitkering (verhouding hoog/laag van 100:75), dan zal de hoge uitkering 123,16% en de lagere uitkering 92,37% bedragen van het ouderdomspensioen dat de deelnemer oorspronkelijk zou hebben ontvangen vanaf zijn/haar 62-jarige leeftijd